Zoeken

Agenda

19 januari    : AV
22 januari    : Avondgebed week van gebed voor de eenheid (18.30 uur Oude Kerk)
4 maart        : Ontmoetingsbijeenkomst bij Hoop voor Noord, Rode Kruislaan 20 i.s.m. diaconaal opbouwwerk PKA-Noord
16 maart     : AV
4 mei            : Vesper t.g.v. herdenken oorlog en vrijheid vieren  (in de Waalse kerk)
11 maart      : AV
15 juni          : AV
30 juni          : Nationale herdenking slavernijverleden in de Nieuwe Kerk, Amsterdam
5 November: oecumenische herdenking omgekomen vluchtelingen aan de randen van Europa in deMozes & Aaronkerk
17 november: AV
3 december : Nicolaas Vesper  

Kerken
De Raad van Kerken Amsterdam is een samenwerkingsverband van christelijke kerken en gemeenschappen in Amsterdam. Bekijk hier de lijst van deelnemers en verwante externe organisaties.
  • 12 mei

    Theologen: In de behandeling van de asielnoodwet is het heilige vertrapt

    Ook al is de wet met asielnoodmaatregelen afgewezen, theologen Kasper Jager, Erica Meijers, Peter-Ben Smit en Derk Stegeman maken zich zorgen over de wijze waarop menselijke waardigheid in dit proces is uitgehold.

    door Kasper Jagers, Erica Meijers, Ben Smit en Derk Stegeman – Trouw – 21 april 2026

    De Eerste Kamer stemde na veel politieke en maatschappelijke onrust tegen de ‘strengste asielwet ooit’. Het verloop van het debat baart ons echter grote zorgen. Waarschuwingen van vele deskundigen dat deze wetten niets oplossen, maar veel problemen verergeren, speelden nauwelijks een rol. De stemmen van asielzoekers en mensen zonder papieren zelf werden in de politiek nauwelijks gehoord. Het is vooral te ‘danken’ aan een politiek spel dat de wetten er niet kwamen.

    Intussen heeft het wetsvoornemen al veel kwaad aangericht. Mensen zonder papieren voelen zich nog onveiliger; hun kwetsbaarheid is vergroot. Ondergetekenden, die het asielbeleid al jaren volgen en de situatie van mensen zonder papieren uit de praktijk kennen, maken zich grote zorgen over de wijze waarop menselijke waardigheid in onze samenleving wordt uitgehold. Steeds sterker vragen wij ons af of we het overheidsbeleid ten opzichte van vluchtelingen en ongedocumenteerde migranten nog kunnen gehoorzamen.

    Angst zaaien lijkt de enige bedoeling

    De paus haalde vorige week uit naar een economisch en politiek systeem dat tirannen voortbrengt, die het heilige vertrappen. Dat heilige is wat ons betreft niet de religie zelf, maar betreft de meest kwetsbaren onder ons. In hoe wij met hen omgaan staat de menselijkheid van allen op het spel (Mattheüs 25).

    Als christenen leven wij graag binnen de grenzen van onze democratie, inclusief het gelijkheidsbeginsel en het discriminatieverbod. Wij zijn er niet op uit die rechten te ondermijnen, integendeel, we hopen ze te versterken. Wij onderschrijven de open brief van bisschop Gerard de Korte en Kees van Ekris, scriba van de Protestantse Kerk in Nederland, aan de Eerste Kamer. Daarin staat dat de onvervreemdbare menselijke waardigheid een belangrijke pijler van onze democratie is. Wij willen dergelijke fundamentele en principiële waarden hooghouden en beschermen, ook in een samenleving waarin politieke leiders hier weinig om lijken te geven.

    Het migratie- en asielbeleid van de laatste jaren zaait vooral angst en dat lijkt ook de bedoeling, aangezien dat het enige effect is. Daarbij worden kinderen het hardst geraakt: zij hebben niet gekozen voor de positie waarin zij verkeren. Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer stelde dat het huidige beleid kinderrechten schendt en rapporten van onder andere Erik Scherder onderbouwden dat kinderen in deze situatie beschadigd worden.

    Overheid komt beloften niet na

    Net als de minister nu, zei ook toenmalig staatssecretaris Mark Harbers in 2019 een versnelling van de procedures toe, waardoor hier gewortelde kinderen niet meer uitgezet zouden worden. Maar inmiddels zijn er opnieuw zo’n vierhonderd kinderen die hier langer dan vijf jaar wonen en in het ongewisse verkeren over hun toekomst. Het kerkasiel in Kampen, dat al ruim 500 dagen gaande is, wijst op hun situatie. Het staat niet op tegen de overheid, maar herinnert de overheid aan eerder gedane beloften, haar zorgplicht en verantwoordelijkheid voor behoorlijk bestuur.

    De formele rechtmatigheid van besluiten, waarmee de minister vooralsnog weigert iets aan deze situatie te doen, doet niets af aan de onrechtvaardigheid ervan. Het (voorgenomen) beleid van het vorige en huidige kabinet maakt deze situatie erger en lost niets op.

    Een samenleving die politici voortbrengt die zich laten meeslepen door rechts-populistische politiek, die niet meer luisteren naar wie van nabij een situatie kent, en die de opgedragen zorg voor de kwetsbaarsten in de samenleving (in het CDA ging dat vroeger om sterkste schouders en zwaarste lasten) raakt ons recht in het hart van ons geloof. Wij betreuren ten diepste de wijze waarop onze politieke leiders omgaan met vluchtelingen en ongedocumenteerde migranten.

    In navolging van het bijbelse gebod om God en onze naasten lief te hebben, zullen we ons blijven inzetten voor behoud van de waardigheid van mensen zonder papieren, wat de gevolgen ook zullen zijn. Ook wanneer dit burgerlijke ongehoorzaamheid van ons vraagt.

    – – –

    Kasper Jager, predikant kerkasiel in de Open Hof in Kampen.

    Erica Meijers, hoofddocent diaconaat aan de Protestantse Theologische Universiteit.

    Peter-Ben Smit, hoogleraar contextuele Bijbelinterpretatie aan de VU en bijzonder hoogleraar Oudkatholieke kerkstructuur aan het Oudkatholiek Seminarie.

    Derk Stegeman, voorzitter werkgroep vluchtelingen Raad van Kerken Nederland en directeur van STEK Den Haag.

    – – –

    www.trouw.nl/opinie/theologen-in-de-behandeling-van-de-asienoodwet-is-het-heilige-vertrapt

    = = =

  • 11 mei

    Nederland is niet ‘vol’ door vluchtelingen, maar door uitgestelde verantwoordelijkheid

    Ons land lijkt alleen maar meer verdeeld te raken, terwijl we juist in gesprek moeten blijven met elkaar. Zodat er ruimte is voor zowel de mens die vlucht, als de Nederlander die – door een falend systeem – bang is voor de toekomst.

    door Sara Khosdelazad – Volkskrant – 5 mei 2026

    De beelden van anti-azcdemonstraties zijn pijnlijk om naar te kijken. Niet omdat mensen geen zorgen mogen hebben over hun dorp, wijk of stad. Niet omdat iedere vraag over draagkracht meteen verdacht is. Maar omdat tussen die zorgen steeds vaker iets anders omhoogkomt: racistische leuzen, ontmenselijkende taal, een woede die zich niet richt op mensen met macht, maar op mensen die hier aankomen met niets.

    Dan denk ik: hoe zijn we hier beland?

    Veel woede komt ergens vandaan. Mensen zien dat een leegstaand gebouw binnen korte tijd kan worden ingericht als noodopvang, terwijl hun zoon van 29 nog op zijn oude slaapkamer woont. Ze zien dat er ineens bedden, beveiliging en begeleiding komen, terwijl hun moeder maanden wacht op passende zorg. Ze horen dat hun gemeente iets moet opvangen, terwijl zij zelf het gevoel hebben dat er al jaren niets wordt opgelost.

    Loosdrecht

    Dat gevoel moet serieus worden genomen. Maar juist daarom is het zo schrijnend wanneer het zich keert tegen mensen die het niet hebben veroorzaakt.

    Niet tegen de politieke keuzes waardoor er jarenlang te weinig betaalbare woningen werden gebouwd. Niet tegen een overheid die de opvang telkens laat vastlopen tot Ter Apel weer op televisie verscheen. Niet tegen de bestuurders die een dorp pas uitleg geven wanneer de hekken al bijna worden geplaatst, zoals bewoners in Loosdrecht aangaven. Maar tegen degene die veiligheid zocht in een land met een falend systeem.

    Naar de vader uit Syrië. Naar de moeder uit Eritrea. Naar het kind dat in Ter Apel al leert dat een veilig land niet altijd begint met rust, maar soms met een overvol aanmeldcentrum, een veldbed en opnieuw wachten op de plek waar je morgen heen moet.

    Bewijsstuk

    ‘De vluchteling’ wordt niet meer gezien als een mens die bescherming zoekt, maar als bewijsstuk in een binnenlandse afrekening. Een lichaam waarop Nederland zijn eigen falen projecteert. Alsof hij de wachttijd voor een sociale huurwoning heeft bedacht. Alsof zij de zorg heeft kapotbezuinigd. Alsof dat kind verantwoordelijk is voor een land waarin zelfs de mensen die hier geboren zijn zich steeds minder zeker voelen van een toekomst.

    Dat is misschien wel het wrange van deze tijd: dat mensen die zelf ervaren hoe het is om klem te zitten, worden verleid om boos te worden op iemand die nog klemmer zit.

    Die verschuiving gebeurt niet vanzelf. Een woningtekort heeft geen voordeur. Een wachtlijst in de zorg heeft geen gezicht. Maar een azc heeft een hek, een gebouw, een adres. Daar kun je langsfietsen. Daar kun je naar wijzen. Daar kan machteloosheid naartoe. En precies daar wordt politiek van gemaakt.

    Al jaren wordt migratie neergezet als de sleutel tot bijna alles wat hier misgaat. Geen huis? Asielzoekers. Geen geld? Asielzoekers. Onveilig gevoel? Asielzoekers.

    Migratie verbinden aan zorgen

    Dat verhaal werkt omdat het aansluit bij iets wat mensen al voelen. Het Sociaal en Cultureel Planbureau laat zien dat veel Nederlanders migratie verbinden aan zorgen over woningen, veiligheid en nationale identiteit. En ja, in een wijk waar mensen al jaren wachten, kan het wrang voelen wanneer een statushouder uiteindelijk een woning krijgt. Volgens het CBS ging in 2023 bijna 8 procent van de vrijgekomen corporatiewoningen naar huishoudens met een statushouder.

    Maar de woningcrisis is niet ontstaan doordat mensen op de vlucht soms ook een huis nodig hebben. Nederland kampt met een tekort van ongeveer 396 duizend woningen. Dat tekort groeide door jaren te weinig bouwen, te weinig betaalbare woningen, vastgelopen procedures en een overheid die de regie op wonen te lang liet versplinteren. Dat is de echte wond: niet dat iemand die gevlucht is na lang wachten een sleutel krijgt, maar dat zoveel anderen nauwelijks nog kunnen geloven dat zij er ooit een krijgen.

    Gesprek vergiftigd

    Toch blijft vooral het andere verhaal hangen. Omdat woede geen volledig kloppende analyse nodig heeft. Alleen een richting. Zo raakt het gesprek vergiftigd. Echte zorgen worden een schuilplaats voor racistische taal, en racistische taal maakt het vervolgens bijna onmogelijk om die echte zorgen nog te horen. Dat is de schade die steeds opnieuw wordt aangericht: mensen die zich verlaten voelen, worden niet geholpen. Mensen die bescherming zoeken, worden verdacht gemaakt. En de macht die dit had moeten oplossen, blijft te vaak buiten beeld.

    Hetzelfde gebeurt met veiligheid. Natuurlijk moeten vrouwen en meisjes veilig over straat kunnen. Natuurlijk moet overlast worden aangepakt. Maar het gemak waarmee jonge mannen uit azc’s als collectief gevaar worden neergezet, maakt van vrouwenangst opnieuw een politiek instrument.

    Alsof de dreiging voor vrouwen vooral van buiten komt, terwijl zij in Nederland zo vaak dichtbij begint: in huizen waar niemand naar binnen kijkt, in relaties die van buiten normaal lijken, in groepsapps, studentenverenigingen, kantoren, nachten uit. De zin ‘daar moet een piemel in’ is niet bedacht in een azc. Die kwam uit een Nederlandse mond, in een Nederlandse nacht, omringd door Nederlandse stilte.

    Wie vrouwenveiligheid alleen ontdekt wanneer die tegen vluchtelingen kan worden gebruikt, verdedigt geen vrouwen. Die gebruikt hen.

    Dat is de lijn die steeds terugkomt. Woningnood, onveiligheid, overbelaste zorg: het zijn echte problemen. Maar zodra ze allemaal één gezicht krijgen, wordt niet het probleem kleiner, alleen de menselijkheid.

    Uitgestelde verantwoordelijkheid

    Dus nee. Nederland is niet ‘vol’ door vluchtelingen. Nederland is vol geraakt met uitgestelde verantwoordelijkheid.

    Mensen mogen protesteren tegen een systeem dat hen in de steek laat. Sterker nog, ze zouden dat veel vaker moeten doen. Maar zij vergissen zich tragisch wanneer zij denken dat de vluchteling dat systeem is.

    Zo wordt iemand die hier bescherming zocht niet alleen opgevangen in ons falen, maar er ook nog verantwoordelijk voor gemaakt.

    – – –

    www.volkskrant.nl/columns-opinie/nederland-is-niet-vol-door-vluchtelingen-maar-door-uitgestelde-verantwoordelijkheid

    = = =

  • 11 mei

    Ephimenco, migratie is niet ‘de olifant in de kamer’

    Door migranten aan te wijzen als oorzaak van het tekort aan water, stroom en huizen leidt Ephimenco af van de echte problemen, stelt lezer Brendan Thesingh.

    door Brendan Thesingh, lezer te Zaandam – Trouw – 4 mei 2026

    In zijn recente column presenteert Sylvain Ephimenco een narratief dat pijnlijk voorspelbaar is: de suggestie dat de tekorten aan water, stroom en woningen in Nederland het gevolg zijn van bevolkingsgroei door migratie (Trouw, 2 mei). Hij noemt migratie de ‘olifant in de kamer’. In werkelijkheid is de olifant in de kamer de decennialange politieke onwil om de industrie aan te pakken en een visieloos neoliberaal beleid dat vitale infrastructuur heeft laten verrotten. Het koppelen van deze crises aan migratie is niet alleen een xenofobe reflex, het is bovenal intellectueel lui en feitelijk onjuist.

    Ephimenco begint zijn betoog bij de watervoorziening en haalt de 129 liter per dag aan die een Nederlander gemiddeld verbruikt. Het duiden van watertekort als een probleem van ‘dorstige monden’ getuigt van een fundamenteel onbegrip van de waterketen. Terwijl de burger wordt aangemoedigd korter te douchen, verbruikt de industrie in Nederland astronomische hoeveelheden drinkwater en grondwater voor processen waarbij koeling en productie voorrang krijgen boven menselijke behoeften.

    De industrie betaalt bovendien vaak slechts een fractie van wat de consument betaalt voor drinkwater. Het echte gevaar voor onze drinkwatervoorziening is niet de consumptie door nieuwkomers, maar de structurele vervuiling door grootverbruikers. Lozingen van pfas, medicijnresten en landbouwgif maken de zuivering van drinkwater steeds complexer en duurder. Migratie heeft nul invloed op de chemische belasting van onze bodem door multinationals, maar door de focus op demografie te leggen, ontslaat Ephimenco de werkelijke vervuilers van hun verantwoordelijkheid.

    Wanbeleid als brandstof

    Het stroomnet zit ‘op slot’, aldus de column. Maar de suggestie dat dit komt door de individuele burger is lachwekkend. Het stroomnet kraakt onder de explosieve groei van datacenters en de ongecontroleerde elektrificatie van industriële zones die jarenlang voorrang kregen boven de verzwaring van de publieke infrastructuur. Netbeheerders hebben de energietransitie niet gemist door te veel immigranten, maar door een gebrek aan centrale regie en investeringsdrang vanuit de overheid ten gunste van verouderde industrie.

    Hetzelfde geldt voor de woningnood. Ephimenco hanteert de cijfers van het CBS alsof woningen natuurverschijnselen zijn die simpelweg opraken. De woningcrisis is een directe consequentie van politieke keuzes: het afschaffen van het ministerie van Volkshuisvesting, de introductie van de verhuurderheffing (die woningcorporaties miljarden kostte) en het openzetten van de markt voor buitenlandse vastgoedbeleggers. Door de schuld bij migratie te leggen, wordt een aanbodcrisis, veroorzaakt door politiek beleid dat particulier vastgoed bevoordeelt, verhuld als een vraagcrisis veroorzaakt door ‘de ander’.

    Zondebok

    Het is ‘dom’ om te veronderstellen dat een stop op migratie de genoemde problemen zou oplossen. Zelfs als er vandaag een muur om Nederland zou worden gebouwd, blijft de industrie water vervuilen, blijft het energienet verouderd en blijft de woningmarkt een speeltuin voor speculanten. Bovendien is de ironie groot: juist voor de bouw van nieuwe huizen en het verzwaren van het stroomnet zijn handen nodig die we in een vergrijzende samenleving vaak uit het buitenland moeten halen.

    Het is een klassieke tactiek om xenofobie te verpakken als ‘nuchtere analyse’. Door te stellen dat de bevolkingstoename ‘volledig op het conto van migratie’ komt en dit te koppelen aan het feit dat er straks geen water meer uit de kraan komt, creëert Ephimenco een existentieel angstbeeld. Hij suggereert een direct causaal verband tussen de aanwezigheid van migranten en het uitvallen van basisvoorzieningen voor de ‘autochtone’ burger.

    De analyse van Ephimenco is niet dapper omdat hij een taboe doorbreekt; zij is laf omdat zij de macht ontziet. Het is veel makkelijker om naar de grens te wijzen dan naar de directiekamers van vervuilende industrieën of de ministeries waar infrastructuur jarenlang is genegeerd. Een samenleving die haar problemen op migranten projecteert, verblindt zichzelf voor de werkelijke oplossingen. We hebben geen tekort aan water, stroom of huizen door migratie; we hebben een tekort aan visie, lef en rechtvaardige verdeling. Ephimenco’s column is niets meer dan de intellectuele capitulatie van een columnist die weigert naar de bron van het lek te kijken.

    – – –

    www.trouw.nl/opinie/lezer-brendan-thesingh-ephimenco-migratie-is-niet-de-olifant-in-de-kamer

    = = =

    lezersbrieven – Trouw – 5 mei 2026

    Grip op migratie

    Terecht kaart Ephimenco de jaar in jaar uit veel te hoge immigratie aan (Trouw, 2 mei). De centrale aanbeveling van de Staatscommissie Demografie om te sturen op een migratiesaldo in de orde van 50.000 per jaar lijkt totaal ondergesneeuwd. Dit vraagt om een jaarlijks Kamerdebat, zodat we op basis van nuchtere cijfers over immigratie én emigratie beleid kunnen gaan maken dat wel werkt. En dan niet alleen op asiel: volgens het CBS betreffen asiel- en nareizigers samen al jaren slechts zo’n 13 procent van alle immigranten, dus wordt het hoog tijd dat we eens het debat over die overige 87 procent gaan voeren. En nee, Ephimenco, niet om het tekort aan water, stroom en huizen weer eens vooral in de schoenen van vluchtelingen te schuiven.

    Ruurd Schoonhoven, Oegstgeest

    Monsieur Ephimenco

    Ik moest de column van Ephimenco twee keer lezen, maar het stond er echt! Het tekort aan drinkwater, stroom én woningen is allemaa terug te voeren op één simpele oorzaak: de migranten die er sinds 2021 bijkwamen in ons (inderdaad véél te volle) land! Falend landbouw-, klimaat- en natuurbeleid ten spijt, het is de schuld van migranten.

    Deze stuitende redenering staat daags vóór Dodenherdenking pontificaal in deze kwaliteitskrant. Heeft Ephimenco dan echt niet begrepen hoe fascisme een samenleving kan binnensluipen? 86 jaar geleden waren het de Joden die de schuld kregen van toenmalige problemen. Nederland kneep een oogje toe bij de demonisering van deze bevolkingsgroep. En nu komt deze columnist met dit niet-kloppende betoog. Komt het omdat het CBS wordt aangehaald, dat de redactie afgelopen vrijdag heeft zitten slapen?

    Tekenen van een nieuwe vorm van Kristallnacht zijn er al: extreem-rechtse Defend-groepen uit Frankrijk en Duitsland komen hier om azc’s en gemeentehuizen te molesteren. Deze meneer draagt met zijn ‘mening’ bij aan de normalisering van het kwaad; namelijk dat de migranten de oorzaak zijn van onzer meest urgente problemen. Nooit meer is NU, monsieur Ephimenco!

    Els Walburg, Rijswijk

    = = =

    Water, stroom, huizen: drie tekorten met dezelfde oorzaak

    column door Sylvain Ephimenco – Trouw – 1 mei 2026

    Het was even schrikken deze week met de melding van de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur: het is mogelijk dat je in de toekomst de waterkraan openzet en er alleen maar lucht uitkomt. Alarmisme ten top? De vraag naar drinkwater is in Nederland enorm gestegen door economische groei, klimaatverandering en de bevolkingsgroei.

    Per dag gebruikte de Nederlander in 2021 al niet minder dan 129 liter. Op Biocompact.nl lees ik in verband met de drinkwaterproblematiek dat tussen 2000 en 2024 de Nederlandse bevolking met 1,8 miljoen dorstige monden is gegroeid.

    Een eventueel tekort aan water is vervelend maar een tekort aan elektriciteit is nu al een feit. Burgemeester Sharon Dijksma van Utrecht meldde eerder dat burgers en bedrijven in een deel van de provincie Utrecht geen nieuwe stroomaansluiting kunnen krijgen. De Rijksoverheid heeft besloten dat per 1 juli het stroomnet op slot gaat. Nieuwe aanvragen belanden op een wachtlijst.

    Huizentekort

    Was het maar alleen in de provincie Utrecht. Maar ook elders in Nederland dreigt het probleem. “Uiteindelijk hebben alle gemeenten hiermee te dealen”, zegt onderzoeker Martijn Gerritsen tegen de NOS. In Flevoland en Gelderland, zoals in Utrecht, worden de problemen vooral veroorzaakt door particulier elektriciteitsgebruik. Volgens de site BusinessWise is Utrecht ‘een waarschuwing voor de rest van Nederland’.

    De Utrechtse burgemeester Dijksma zit met een ander probleem door het stroomtekort: Utrecht heeft de grootste woningbouwlocatie van Nederland. Ze noemt de woningnood ‘de grootste echte crisis van deze tijd’.

    En hier hebben we het derde Nederlandse tekort: na water en stroom, nu huizen. Het woningtekort in Nederland is in 2025 gestegen tot 396.000 woningen, wat ongeveer 4,8 procent ten opzichte van de totale woningvoorraad betekent (cijfers CBS). Dit terwijl een totale behoefte is van 900.000 nieuwe woningen (!) tot 2030. De consequenties zijn bekend: moeite om een betaalbare woning te vinden of lange wachtlijsten voor sociale woningen (5 tot 10 jaar en meer).

    De olifant in de kamer

    Laat ik het cynisch chargeren: in 2030 vind je in Nederland geen nieuw huis dat toch geen licht en water kan krijgen. Wat die drie T’s (tekort) met elkaar linkt is de bevolkingstoename: Nederland heeft al, na Malta, de hoogste bevolkingsdichtheid (ongeveer 500 inwoners per vierkante kilometer). En nu moet ik, risico’s niet schuwend, de olifant in de kamer aanspreken.

    De bevolkingstoename in Nederland is de laatste jaren volledig op het conto van migratie te schrijven. Sinds 2021 tot vorig jaar is door netto saldo (immigratie min emigratie) de bevolking met 669.000 mensen gegroeid (cijfers CBS). Dit is in vijf jaar de grootte van een stad als Rotterdam (673.000 inwoners) of zes keer Delft (110.000 inwoners). Overigens zijn de totale aanvragen voor asiel maar een derde van dit totaal voor dezelfde periode.

    Ik ken natuurlijk en verafschuw de gewelddadige incidenten rond asiellocaties zoals in Loosdrecht. Maar ik weiger ook een karikatuur te maken van de zorgen die bij een deel van de bevolking leven. Niet alle bezorgde burgers over de drie tekorten in relatie met de bevolkingstoename zijn ‘extreemrechtse racisten’.

    Volgens een opinieonderzoek van Maurice de Hond vorige week vindt 75 procent van de geënquêteerden dat ‘instroom asielzoekers fors moet worden beperkt’. Zou de Nederlandse bevolking voor driekwart uit fascisten bestaan?

    – – –

    www.trouw.nl/opinie/water-stroom-huizen-drie-tekorten-met-dezelfde-oorzaak

    = = =

  • 11 mei

    Kerken spreken zich uit: radicaal-rechts bedreigt christendom

    Terwijl een deel van de christenen radicaal-rechts gedachtegoed omarmt, veroordelen kerken het voor het eerst samen én stevig. ‘Er was een sterk gevoel: we moeten iets.’

    door Rianne Oosterom – Trouw – 30 april 2026

    Kerken in Nederland spreken zich voor het eerst gezamenlijk uit tegen radicaal-rechts gedachtegoed. Zij noemen het onomwonden ‘een bedreiging voor het christelijk geloof’. Radicaal-rechts bedreigt volgens hen democratie en rechtsstaat, minderheidsgroepen en kwetsbaren. ‘Het is racistisch, antisemitisch en verheerlijkt masculiniteit.’

    Dat staat in een beleidsstuk dat de Raad van Kerken binnenkort publiceert. Bij dit verband zijn negentien kerkgenootschappen aangesloten, van de katholieke kerk tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) tot kleinere kerkverbanden als de Orthodoxe Kerk en de Nederlandse Gereformeerde Kerken. Gezamenlijk hebben zij zeker vijf miljoen leden.

    Kerken willen niet langer zwijgen nu het christendom in het publieke debat volop wordt ingezet voor doelen ‘die weinig met het geloof te maken hebben’. Als voorbeelden noemen zij anti-islamgeluiden of nationalisme dat mensen uitsluit. ‘Als kerken niet spreken en niet ook onderscheidend spreken, dekken kerken onrecht toe en misverstaan ze hun roeping.’

    Twee jaar geleden verklaarden zo’n zevenhonderd predikanten al dat christendom en extreemrechts niet samengaan, als reactie op het succes van de PVV. Een gezamenlijk publiek spreken van de kerken bleef toen uit, wat tot kritiek van gelovigen leidde. Waar de kerken zich de afgelopen jaren wel duidelijk uitspraken over het vluchtelingenbeleid, bleek radicaal-rechts een lastiger terrein.

    “Het had zeker eerder gekund”, zegt Coen Wessel, secretaris van de Raad van Kerken. “Maar we zijn met elkaar als kerken een zorgvuldig proces ingegaan. We hebben breed gestudeerd en samen nagedacht. In de afgelopen twee jaar hebben we ons niet eerder gezamenlijk zo uitgesproken, dat maakt dit bijzonder. Er was een sterk gevoel: we moeten iets.”

    ‘Er was eensgezindheid’

    De kern van het beleidsdocument wordt door iedereen gedeeld, maar dat betekent niet dat ieder kerkgenootschap ook achter iedere komma en bijzin staat, zegt Wessel, ter nuance. De kerkgenootschappen zijn heel verschillend: behoudend en vrijzinnig zijn in de raad vertegenwoordigd. “Maar normaal worden in het plenaire overleg de scherpe randjes van beleidsdocumenten afgehaald. Dat was nu absoluut niet het geval. Er was eensgezindheid.”

    Tegelijk willen de kerken gelovigen op wie dit gedachtegoed aantrekkingskracht uitoefent, niet van zich vervreemden. Twee jaar geleden berekende het Nederlands Dagblad dat bijna een kwart van de christenen op de PVV had gestemd. Recentere berekeningen zijn er niet. Wessel: “Wij roepen de kerken op met hen in gesprek te gaan over de grote veranderingen in onze samenleving”.

    Centraal in dit gesprek moet volgens de kerken het navolgen van Jezus staan, gevat in het begrip discipelschap. ‘Discipelschap is nooit vrijblijvend’, zo is te lezen in de verklaring. ‘Het vraagt om zelfonderzoek, om het onder ogen zien van angst, boosheid en ressentiment, en om de bereidheid deze niet te laten uitgroeien tot uitsluiting of ontmenselijking van anderen.’

    Tucht bij radicaalrechts

    Als kerkleden of -leiders verbonden zijn met politieke organisaties die met het christendom strijdige overtuigingen hebben, moet dat leiden ‘tot gesprek en kritisch bevragen’. Namen van partijen wil Wessel niet noemen. “Het gaat om het gedachtegoed dat zij aanhangen.”

    In sommige gevallen kunnen maatregelen gepast zijn, bijvoorbeeld als een gemeentelid zich racistisch blijft uitlaten. Dit betekent dat radicaal-rechts denken tot een vorm van kerkelijke tucht kan leiden, maar hoe: dat is aan kerken zelf. Een mogelijke maatregel die zij kunnen nemen is het ontzeggen van de toegang tot het avondmaal, een belangrijke viering voor gelovigen.

    Nieuwe leden, bijvoorbeeld conservatieve Gen Z-jongeren, moeten volgens de kerken goed onderwezen worden in het geloof voordat zij gedoopt worden. Zo kunnen ‘misvattingen als zou de kerk een plek zijn van mannelijke of raciale superioriteit’ worden opgehelderd. Wessel: “Het gaat er uiteindelijk om dat de kerk voor iedereen een veilige plek is”.

    – – –

    www.trouw.nl/religie-filosofie/kerken-spreken-zich-uit-radicaal-rechts-bedreigt-christendom

    = = =

    Kerken schudden hun politieke schuchterheid af

    Politiek, het is een mijnenveld waarin kerken zich meestal aarzelend bewegen. Waait er met de stevige stellingname van de kerken tegen radicaal-rechts een nieuwe wind?

    door Rianne Oosterom – Trouw – 30 april 2026

    ‘Als kerken niet onderscheidend spreken, dekken zij onrecht toe en misverstaan ze hun roeping.’ Het is een kort maar veelzeggend zinnetje in het beleidsdocument waarin de Raad van Kerken zich voor het eerst uitspreekt tegen radicaal-rechts gedachtegoed, waarover Trouw donderdag berichtte.

    Onderscheidend spreken is kerktaal voor een eigen geluid laten horen over wat wel en niet van God is. Na jaren geworstel met extreemrechts (ook binnen de kerkmuren) wordt ‘het spreken van de kerk’ hier als een roeping neergezet.

    Betekent dit zinnetje dat er een nieuwe wind door kerkelijk Nederland waait, dat er een grotere (zelfs heilige) noodzaak wordt gevoeld om zich uit te laten over politieke kwesties?

    De verklaring tegen radicaalrechts houdt in ieder geval een flinke verschuiving in. Twee jaar geleden zei Coen Wessel, secretaris van de Raad van Kerken, nog dat het niet aan kerken is om zich hierover uit te spreken. “Als je je zo stellig uitlaat, sla je het gesprek dood”, zei hij in deze krant.

    Aanhoudend racisme door kerkleden

    Hoe anders is de houding van de Raad van Kerken nu. Die kreeg negentien heel verschillende kerkgenootschappen zover om samen een scherp beleidsdocument over de omgang met radicaal-rechts door kerken het land in te zenden. Inclusief opmerkingen over kerkelijke maatregelen bij bijvoorbeeld aanhoudend racisme door kerkleden.

    In buurland Duitsland zijn de kerken (protestants en katholiek) al twee jaar heel duidelijk: christenen kunnen niet actief zijn in extreemrechtse partijen. Zij waarschuwden meerdere malen voor rechts-extremisme en gaven zelfs stemadvies: vooral géén AfD, de Duitse PVV. Zo ver gaan de Nederlandse kerken niet.

    Dit document verschijnt pas nu de PVV niet meer in de regering zit. Het oprukkende christelijke nationalisme speelt waarschijnlijk mee in deze timing: in de Verenigde Staten wordt met de Bijbel in de hand oorlog en uitsluiting gerechtvaardigd. Daarmee groeit de noodzaak om een ander gezicht van het christendom te tonen.

    Wel uitgesproken over asielbeleid

    De verklaring tegen radicaal-rechts volgt bijna direct op het kerkelijk verzet tegen de strafbaarstelling van illegaliteit, waartegen de Eerste Kamer zich onlangs uitsprak. De katholieke en protestantse kerk zetten zich hier in een gezamenlijke brief tegen af.

    Opkomen voor vluchtelingen doen de kerken al langer: in de bed-bad-brooddiscussie en in het kinderpardon speelden zij een belangrijke rol. Deze donderdag aan het eind van de middag luiden weer ruim 600 kerken door heel Nederland de kerkklokken (lees: de noodklok) voor een humaner asielbeleid.

    Kerken hebben een lange geschiedenis als het gaat om publiek spreken over politiek, maar de stevigheid verschilde. De stellingname door de Gereformeerde Kerken in Nederland (nu onderdeel van de PKN) tegen de NSB in 1936 is wellicht het bekendste voorbeeld. Of het gezamenlijke protest van de kerken tegen de Jodenvervolging in de Tweede Wereldoorlog in het IKO (Interkerkelijk Overleg).

    Stevige uitspraken

    Nu oorlogen de wereld teisteren en het christendom wordt ingezet om geweld te rechtvaardigen (zowel in de VS als in Rusland), moeten kerken zich opnieuw positioneren. Welke rol past hen, waar mag het schuren? De paus, de leider van de katholieke kerk, nam het al op tegen Trump. Hun fittie werd ongekend genoemd.

    Stevige uitspraken als de Duitse bisschoppen deden over de AfD, klinken niet vanuit de Nederlandse katholieke kerk op. Het woord blijft toch vooral aan de paus. Dus is het ook voor dit grootste kerkgenootschap een stap om zich achter het beleidsdocument over radicaal-rechts te scharen.

    In de grootste protestantse kerk, de PKN, staat het ‘spreken van de kerk’ al twee jaar op de agenda van het kerkbestuur. Veelzeggend is de keuze voor Kees van Ekris als nieuwe voorman. Hij maakte voor de EO een podcast over Moderne profeten, zoals Martin Luther King of Etty Hillesum: mensen die zich durfden uit te spreken. Hij promoveerde in 2018 cum laude op profetische prediking.

    ‘Jullie zouden vurig moeten zijn’

    In het magazine #Protestant zei hij indertijd dat christenen sensitiviteit moeten ontwikkelen voor wat broeit onder de oppervlakte in de samenleving. “Maar niet iedereen wil dat benoemd hebben. Ook in de kerk niet.”

    Hij haalde de Duitse predikant Dietrich Bonhoeffer aan, die in de jaren dertig – toen de Duitse kerk nog optimistisch was over Hitler – zei: “Jullie zouden vurig moeten zijn, maar jullie zijn koud.” Daarover zei Van Ekris: “Zullen we samen die heilige onrust vasthouden?”

    Zo komt er onder zijn leiding ook schot in het formuleren van een nieuwe plaatsbepaling over Israël-Gaza, waar kerkleden al lang om vragen. Heilige onrust, mogelijk wordt dat het nieuwe adagium van kerken ten tijde van christelijk nationalisme en oorlog. De verklaring tegen radicaal-rechts is een eerste voorzichtige stap.

    – – –

    www.trouw.nl/religie-filosofie/kerken-schudden-hun-politieke-schuchterheid-af

    = = =

  • 11 mei

    26 mei – Diaconaal Pinkstercafé Lutherse kerk

    Door dichtbij mensen te staan, te luisteren en te verbinden willen wij, als lutherse diaconie, aanwezig zijn waar hoop, kwetsbaarheid en veerkracht zichtbaar worden. Levensverhalen komen niet vanzelf samen. Soms vinden mensen elkaar en ontstaan nieuwe verbindingen; soms schuren overtuigingen of botsen belangen en komt maatschappelijke inzet onder druk te staan. We nodigen je van harte uit voor het Diaconaal Pinkstercafé, op dinsdag 26 mei (de dag na Pinksteren), rond het thema Waar verhalen elkaar raken – of juist botsen

    Martijn van Leerdam, predikant-directeur van de Pauluskerk in Rotterdam, vertelt vanuit zijn praktijk over wat het betekent om trouw te blijven aan je roeping, juist wanneer verhalen botsen; wanneer solidariteit weerstand oproept; wanneer hulp ter discussie wordt gesteld en publieke opinies scherp tegenover elkaar komen te staan.

    Tijdens een inspirerende safari trekken we vervolgens langs initiatieven uit de stad, waar verhalen elkaar raken: mensen ontmoeten elkaar, nieuwe gemeenschappen ontstaan en verschillen krijgen de ruimte. Ontdek onder meer projecten rond inclusie, buurtverbinding, erfgoed en sociale presentie.

    Er is muziek, ruimte voor gesprek en ontmoeting. We sluiten af met soep en hapjes. Iedereen is van harte welkom!

    Waar: Maarten Luther Kerk, Dintelstraat 134 Amsterdam

    Wanneer: Dinsdag 26 mei, 16:00 – 19:00 uur

    Laat met een email naar info@diaconie.com even weten dat je komt!

    Met vriendelijke groet,

    Martin Teunissen, algemeen secretaris Diaconie van de Evangelisch-Lutherse Gemeente Amsterdam